
Wat is somnambulisme?
Wat is somnambulisme?
Midden in de nacht hoor je voetstappen op de overloop. Je kind of partner loopt door het huis. De ogen zijn open. Je zegt iets, maar krijgt nauwelijks antwoord. Of er komt een reactie die nergens op lijkt te slaan. De volgende ochtend weet diegene er niets of nauwelijks iets meer van.
Dat kan slaapwandelen zijn. De medische term hiervoor is somnambulisme. Slaapwandelen behoort tot de NREM-parasomnieën en komt vooral bij kinderen regelmatig voor. Meestal is het onschuldig.
Maar wanneer iemand tijdens zo’n episode door het huis loopt, een trap afgaat of zelfs naar buiten probeert te gaan, kan veiligheid wel een belangrijk aandachtspunt worden.
Wat is slaapwandelen?
Bij slaapwandelen ontstaat een gedeeltelijke ontwaking vanuit NREM-slaap.
Daarom wordt slaapwandelen samen met nachtangst en verward ontwaken gerekend tot de zogenoemde disorders of arousal.
Dat zijn aandoeningen waarbij iemand gedeeltelijk ontwaakt, maar niet volledig wakker wordt. Slaapwandelen ontstaat meestal vanuit diepe NREM-slaap, ook wel N3-slaap genoemd.
Omdat diepe slaap vooral in het eerste deel van de nacht voorkomt, zien we slaapwandelen ook relatief vaak in die periode.
Ben je wakker tijdens het slaapwandelen?
Niet volledig. Dat maakt slaapwandelen zo bijzonder. Tijdens een episode kunnen kenmerken van slapen en wakker zijn tegelijkertijd aanwezig zijn. Iemand kan rechtop zitten.
Uit bed stappen. De ogen openen. Door de kamer lopen. Een deur openen. Of zelfs complexere handelingen uitvoeren.
Van buitenaf kan het daardoor lijken alsof iemand wakker is. Maar het bewustzijn, beoordelingsvermogen en vermogen om normaal op de omgeving te reageren zijn verminderd.
Hoe ziet iemand eruit tijdens het slaapwandelen?
Dat verschilt. Sommige mensen gaan alleen even rechtop in bed zitten. Anderen lopen door de slaapkamer of het huis.
Kenmerkend kan zijn dat iemand:
- een starende of afwezige blik heeft;
- moeilijk contact maakt;
- traag of vreemd reageert;
- niet logisch antwoordt;
- eenvoudige of juist complexere handelingen uitvoert;
- na afloop weinig of geen herinnering aan de episode heeft.
Niet iedere episode hoeft dus te bestaan uit letterlijk door het huis wandelen. Slaapwandelen kan variëren van relatief eenvoudige tot behoorlijk complexe gedragingen.
Kun je praten tijdens het slaapwandelen?
Ja, iemand kan tijdens een episode geluid maken, mompelen of praten. Soms krijg je zelfs antwoord wanneer je iets vraagt. Dat antwoord kan heel logisch klinken, maar ook volledig onsamenhangend zijn.
Dat iemand antwoord geeft, betekent niet automatisch dat diegene volledig wakker is. De volgende ochtend kan er weinig of geen herinnering zijn aan wat er is gebeurd.
Weet je de volgende ochtend wat je hebt gedaan?
Vaak niet of maar gedeeltelijk. Van oudsher wordt geheugenverlies voor de episode gezien als een belangrijk kenmerk van slaapwandelen. Toch is het te stellig om te zeggen dat iemand zich nooit iets kan herinneren.
Onderzoek laat zien dat sommige mensen achteraf wel fragmenten van een episode of bijbehorende gedachten en ervaringen kunnen herinneren.
Volledige geheugenloosheid is dus niet noodzakelijk om van slaapwandelen te kunnen spreken.
Waarom ontstaat slaapwandelen?
Er bestaat niet één oorzaak van slaapwandelen. Waarschijnlijk speelt een combinatie van aanleg en omstandigheden die gedeeltelijke ontwakingen uit NREM-slaap bevorderen een rol.
Er bestaat bijvoorbeeld een duidelijke familiaire component. Slaapwandelen en andere NREM-parasomnieën komen vaker voor binnen bepaalde families.
Dat betekent niet dat iedereen met zo’n aanleg automatisch gaat slaapwandelen. Andere factoren kunnen bepalen of en wanneer episodes optreden.
Slaaptekort
Slaaptekort is een bekende factor die slaapwandelen bij daarvoor gevoelige mensen kan bevorderen. Wanneer iemand onvoldoende slaapt, kan de druk voor diepe slaap toenemen.
Dat kan de omstandigheden waarin een NREM-parasomnie ontstaat beïnvloeden. Maar ook hier is nuance belangrijk.
Eén korte nacht betekent niet dat je automatisch gaat slaapwandelen. En iemand die slaapwandelt heeft niet per definitie een slechte slaaproutine.
Wanneer iemand regelmatig episodes heeft én structureel te weinig slaapt, is voldoende slaapgelegenheid wel een logisch aandachtspunt.
Stress
Ook stress wordt in verband gebracht met NREM-parasomnieën. Dat betekent niet dat slaapwandelen simpelweg wordt veroorzaakt door stress of angst. En het betekent zeker niet dat een kind dat slaapwandelt automatisch psychische problemen heeft.
Bij sommige mensen kunnen perioden van veel spanning samengaan met meer episodes. Bij anderen is er geen duidelijke relatie.
Het is daarom beter om stress als mogelijke uitlokkende factor te zien dan als algemene verklaring voor slaapwandelen.
Andere slaapstoornissen
Ook andere slaapstoornissen kunnen relevant zijn. Aandoeningen die herhaaldelijke ontwakingen uit de slaap veroorzaken, kunnen bij daarvoor gevoelige mensen episodes van slaapwandelen bevorderen.
Obstructieve slaapapneu is daar een voorbeeld van.
Wanneer iemand naast slaapwandelen luid snurkt, ademstops heeft, naar lucht hapt of opvallend slaperig is overdag, is het daarom verstandig om ook die klachten te laten beoordelen.
Behandeling van een onderliggende slaapstoornis kan in zo’n situatie invloed hebben op de parasomnie.
Medicijnen
Bepaalde medicijnen kunnen slaapwandelen of andere complexe gedragingen tijdens de slaap uitlokken of verergeren. Dit is onder andere beschreven bij bepaalde slaapmiddelen.
Wanneer slaapwandelen voor het eerst ontstaat nadat je met een medicijn bent begonnen of nadat de dosering is veranderd, bespreek dit dan met je arts of apotheker. Stop voorgeschreven medicatie niet zelfstandig.
Alcohol
Alcohol kan de slaap beïnvloeden en wordt ook genoemd als mogelijke factor bij NREM-parasomnieën. Dat betekent niet dat iedereen die slaapwandelt volledig moet stoppen met alcohol.
Wanneer je merkt dat episodes consequent samenhangen met alcoholgebruik, is dat natuurlijk wel relevante informatie. Bij regelmatig of risicovol slaapwandelen is het verstandig dergelijke mogelijke triggers mee te nemen in de beoordeling.
Komt slaapwandelen vooral bij kinderen voor?
Ja, slaapwandelen komt relatief vaak voor tijdens de kinderjaren. Bij veel kinderen nemen de episodes af of verdwijnen ze tijdens het ouder worden.
Dat betekent niet dat ieder kind dat een keer slaapwandelt een slaapstoornis heeft waarvoor behandeling nodig is.
Een kind dat af en toe rustig door de kamer loopt, weer naar bed wordt begeleid en verder geen problemen heeft, hoeft meestal niet uitgebreid onderzocht te worden.
Bij volwassenen komt slaapwandelen ook voor. Het kan vanuit de jeugd blijven bestaan, maar soms worden episodes pas op volwassen leeftijd duidelijk.
Is slaapwandelen gevaarlijk?
Slaapwandelen zelf is meestal niet gevaarlijk. Het gedrag tijdens een episode kan dat wel worden. Iemand die gedeeltelijk slaapt, kan minder goed beoordelen wat veilig is.
Een trap kan daardoor een risico vormen. Net als een open raam, balkon, buitendeur, scherpe voorwerpen of andere gevaarlijke situaties
Bij mensen die daadwerkelijk uit bed komen, is veiligheid daarom belangrijker dan proberen iedere episode koste wat kost te voorkomen.
Hoe maak je de omgeving veiliger?
Welke maatregelen nodig zijn, hangt af van wat iemand tijdens episodes doet.
Denk bijvoorbeeld aan:
- struikelgevaar rond het bed verminderen;
- scherpe of breekbare voorwerpen weghalen;
- ramen en buitendeuren goed beveiligen;
- extra aandacht voor trappen;
- sleutels van auto of buitendeur veilig opbergen wanneer dat relevant is;
- voorkomen dat iemand gemakkelijk bij gevaarlijke apparatuur kan komen.
Bij ernstige episodes kan soms aanvullende beveiliging nodig zijn. Het doel is niet om van de slaapkamer een bunker te maken.
De maatregelen moeten passen bij het daadwerkelijke risico.
Moet je een slaapwandelaar wakker maken?
Er bestaat een hardnekkig verhaal dat het gevaarlijk zou zijn om een slaapwandelaar wakker te maken.
Dat klopt niet. Het is niet per definitie gevaarlijk om iemand wakker te maken. Maar meestal is dat ook niet nodig.
Een slaapwandelaar kan bij abrupt wakker maken verward, geschrokken of gedesoriënteerd reageren.
Wanneer de situatie veilig is, kun je iemand daarom meestal rustig begeleiden richting bed. Probeer kalm te blijven en voorkom onnodige confrontatie.
Wanneer iemand op het punt staat zichzelf of iemand anders in gevaar te brengen, staat veiligheid natuurlijk voorop.
Moet slaapwandelen behandeld worden?
Niet altijd, bij milde, incidentele episodes zonder gevaar of duidelijke gevolgen is vaak geen behandeling nodig.
Dat geldt vooral bij kinderen. Uitleg, geruststelling en aandacht voor veiligheid kunnen dan voldoende zijn.
Behandeling wordt relevanter wanneer episodes vaak voorkomen, ernstig zijn, slaap verstoren, veel spanning veroorzaken of risico op letsel geven.
Ook wanneer een andere slaapstoornis of medicijn mogelijk een rol speelt, is verder onderzoek verstandig.
Helpt een regelmatig slaapritme?
Voldoende slaap en enige regelmaat kunnen verstandig zijn wanneer iemand gevoelig is voor NREM-parasomnieën.
Vooral structureel slaaptekort willen we voorkomen. Maar maak daar geen perfect slaapschema van.
Een kind hoeft niet iedere avond exact om 19.03 uur in bed te liggen omdat het anders zou gaan slaapwandelen.
En één laat feestje veroorzaakt niet automatisch een episode. Het doel is voldoende slaapgelegenheid en een redelijk passend ritme.
Niet het creëren van nieuwe angst rond bedtijden.
Helpt ontspanning?
Wanneer stress duidelijk samenhangt met episodes, kan het natuurlijk zinvol zijn om te kijken naar wat er overdag speelt. Maar meditatie, yoga en ademhalingsoefeningen zijn geen standaardbehandeling voor slaapwandelen.
Je hoeft iemand die slaapwandelt dus niet automatisch te leren ‘beter ontspannen’. Zeker bij kinderen is slaapwandelen vaak een tijdelijk verschijnsel dat vanzelf afneemt.
Geplande ontwakingen
Wanneer een kind zeer regelmatig op ongeveer hetzelfde tijdstip slaapwandelt, kunnen geplande ontwakingen soms worden gebruikt.
Daarbij wordt het kind kort wakker gemaakt vóór het moment waarop de episode normaal gesproken optreedt.
Het doel is het patroon van de gedeeltelijke ontwaking te doorbreken. Dit is geen methode die nodig is bij ieder kind dat een keer slaapwandelt.
Het kan vooral worden overwogen bij terugkerende, voorspelbare episodes die daadwerkelijk een probleem vormen.
Is medicatie nodig?
Meestal niet. Bij kinderen met incidenteel slaapwandelen is medicatie doorgaans niet nodig.
Ook bij volwassenen wordt eerst gekeken naar veiligheid, mogelijke uitlokkende factoren, andere slaapstoornissen en eventuele medicatie die de episodes kan beïnvloeden.
In ernstige of complexe situaties kan een slaaparts andere behandelopties overwegen.
De wetenschappelijke onderbouwing voor veel behandelingen van NREM-parasomnieën is echter beperkter dan bij bijvoorbeeld chronische insomnie.
Daarom is medicatie geen standaardoplossing voor iedereen die slaapwandelt.
Is CGT-I een behandeling voor slaapwandelen?
Niet standaard. CGT-I is ontwikkeld voor chronische insomnie.
Slaapwandelen is een andere slaapstoornis met een ander mechanisme.
Wanneer iemand naast slaapwandelen ook chronische insomnie heeft, kan die slapeloosheid natuurlijk afzonderlijk behandeld worden.
Maar iemand die slaapwandelt hoeft niet automatisch een behandeling voor slapeloosheid te volgen.
Ook hier geldt dat de behandeling moet passen bij het probleem.
Wanneer is slaaponderzoek nodig?
Bij typisch slaapwandelen, zeker bij kinderen, is uitgebreid slaaponderzoek meestal niet nodig. Een goede beschrijving van wat er tijdens de nacht gebeurt kan vaak al veel informatie geven.
Een video die thuis tijdens een episode is gemaakt kan soms eveneens behulpzaam zijn voor een arts. Bij atypische of complexe episodes kan video-polysomnografie wel relevant worden.
Bijvoorbeeld wanneer niet duidelijk is of het om slaapwandelen gaat of wanneer andere aandoeningen moeten worden uitgesloten.
Slaapwandelen of iets anders?
Niet ieder vreemd nachtelijk gedrag is slaapwandelen. Bepaalde nachtelijke epileptische aanvallen kunnen bijvoorbeeld gedrag veroorzaken dat op een parasomnie lijkt.
Ook REM-sleep behaviour disorder kan gepaard gaan met bewegingen tijdens de slaap. RBD ontstaat echter vanuit REM-slaap en heeft een ander mechanisme dan slaapwandelen.
Daarom is het verstandig om nieuwe, heftige of atypische nachtelijke gedragingen bij volwassenen niet automatisch als slaapwandelen af te doen.
Wanneer naar de huisarts?
Een kind dat een enkele keer slaapwandelt hoeft meestal niet direct naar de huisarts.
Verder laten kijken is verstandiger wanneer:
- episodes vaak voorkomen;
- er risico bestaat op vallen of ander letsel;
- iemand daadwerkelijk naar buiten loopt;
- er agressief of zeer complex gedrag optreedt;
- het slaapwandelen plotseling op volwassen leeftijd begint;
- de episodes duidelijk veranderen;
- er mogelijk sprake is van epileptische aanvallen;
- er luid snurken, ademstops of happen naar lucht aanwezig zijn;
- iemand overdag opvallend slaperig is;
- medicatie mogelijk een rol speelt;
- jij of je gezin veel last of angst ervaart door de episodes.
Dan is het belangrijk om te beoordelen wat er precies gebeurt en of er factoren zijn die behandeld kunnen worden.
Conclusie
Somnambulisme is de medische term voor slaapwandelen.
Het behoort tot de NREM-parasomnieën en ontstaat tijdens een gedeeltelijke ontwaking uit NREM-slaap, meestal vanuit diepe slaap.
Iemand kan tijdens zo’n episode rechtop zitten, rondlopen, praten of complexere handelingen uitvoeren zonder volledig wakker te zijn.
Slaapwandelen komt vooral bij kinderen voor en is in veel gevallen onschuldig. Een enkele episode hoeft daarom niet direct behandeld of onderzocht te worden.
Wanneer iemand daadwerkelijk rondloopt, wordt veiligheid wel belangrijk.
Slaaptekort, stress, bepaalde medicijnen en andere slaapstoornissen kunnen bij gevoelige mensen episodes bevorderen, maar slaapwandelen heeft niet één eenvoudige oorzaak.
Je hoeft daarom niet na iedere episode de volledige slaaproutine om te gooien.
Voldoende slaapgelegenheid, een redelijk regelmatig ritme en vooral een veilige omgeving zijn meestal veel belangrijker dan proberen de slaap perfect onder controle te krijgen.
Wanneer episodes vaak voorkomen, gevaarlijk worden of samengaan met andere opvallende klachten, is verder onderzoek verstandig.
Maar een kind dat af en toe midden in de nacht uit bed komt, wat verward rondloopt en zich daar de volgende ochtend niets van herinnert, hoeft niet automatisch een groot slaapprobleem te hebben.
Soms is slaapwandelen vooral bijzonder om te zien. Niet iets wat koste wat kost opgelost moet worden.
