Wat zijn ademhalingsstoornissen?
Wat zijn slaapgerelateerde ademhalingsstoornissen?
Je kunt ’s nachts uren in bed liggen en toch merken dat je overdag opvallend slaperig of vermoeid bent.
Misschien snurk je hard. Word je wakker met een droge mond of hoofdpijn. Of vertelt degene naast je dat je soms lijkt te stoppen met ademhalen en daarna naar lucht hapt.
Dat kan verschillende oorzaken hebben. Een daarvan is een slaapgerelateerde ademhalingsstoornis.
Bij slaapgerelateerde ademhalingsstoornissen verloopt de ademhaling tijdens de slaap niet zoals normaal. Het gaat om een aparte groep slaapstoornissen en dus niet om een vorm van parasomnie.
Slaapapneu is daarvan waarschijnlijk de bekendste. Maar er bestaan verschillende soorten.
Welke slaapgerelateerde ademhalingsstoornissen zijn er?
Slaapgerelateerde ademhalingsstoornissen kunnen grofweg worden verdeeld in.
- obstructieve slaapapneu;
- centrale slaapapneu;
- slaapgerelateerde hypoventilatie;
- slaapgerelateerde hypoxemie.
Deze aandoeningen hebben met elkaar gemeen dat de ademhaling tijdens de slaap verstoord is. Wat er precies misgaat, verschilt echter behoorlijk.
Obstructieve slaapapneu
Obstructieve slaapapneu, meestal afgekort als OSA, is de meest voorkomende vorm van slaapapneu. Tijdens de slaap kan de bovenste luchtweg nauwer worden of tijdelijk dichtvallen.
De ademhaling wordt daardoor gedeeltelijk of volledig belemmerd, terwijl het lichaam wel probeert door te ademen. Dat kan zich gedurende de nacht steeds opnieuw voordoen.
Hierbij kunnen onder andere voorkomen:
- luid snurken;
- ademstops die door een bedpartner worden opgemerkt;
- happen naar lucht;
- regelmatig wakker worden;
- een droge mond bij het wakker worden;
- hoofdpijn in de ochtend;
- slaperigheid of vermoeidheid overdag;
- moeite met concentreren.
Niet iedereen met slaapapneu heeft al deze klachten. En andersom geldt hetzelfde.
Snurken betekent bijvoorbeeld niet automatisch dat je slaapapneu hebt.
Wat is een apneu?
Bij een apneu stopt of vermindert de luchtstroom gedurende een bepaalde periode vrijwel volledig. Bij een hypopneu is de ademhaling niet volledig gestopt, maar wel duidelijk verminderd.
Bij slaaponderzoek wordt daarom niet simpelweg gekeken naar hoeveel keer iemand in een hele nacht stopt met ademhalen.
Er wordt gekeken naar ademhalingsgebeurtenissen tijdens de slaap en onder andere berekend hoe vaak apneus en hypopneus gemiddeld voorkomen.
De uitslag van zo’n onderzoek moet vervolgens samen met klachten en andere medische informatie worden beoordeeld.
Een paar seconden anders ademen of een enkele onregelmatigheid betekent dus niet automatisch dat je slaapapneu hebt.
Centrale slaapapneu
Centrale slaapapneu werkt anders.
Bij obstructieve slaapapneu probeert het lichaam te ademen, maar wordt de luchtstroom gehinderd doordat de luchtweg vernauwt of afsluit.
Bij centrale slaapapneu is tijdens een ademstop juist tijdelijk geen of onvoldoende ademhalingsinspanning aanwezig. De oorzaak ligt dan niet primair bij een blokkade van de bovenste luchtweg.
Centrale slaapapneu kan onder andere voorkomen in samenhang met bepaalde hart- of neurologische aandoeningen, verblijf op grote hoogte en het gebruik van bepaalde medicijnen of middelen, waaronder opioïden.
De oorzaak en behandeling kunnen daardoor sterk verschillen van die van obstructieve slaapapneu.
Wat is slaapgerelateerde hypoventilatie?
Bij slaapgerelateerde hypoventilatie wordt tijdens de slaap onvoldoende geventileerd.
Daardoor kan het koolzuurgehalte in het bloed te hoog oplopen. Dit is iets anders dan een reeks korte ademstops zoals bij slaapapneu.
Slaapgerelateerde hypoventilatie kan samenhangen met verschillende medische aandoeningen. Denk bijvoorbeeld aan bepaalde neuromusculaire aandoeningen, longziekten of ernstig overgewicht.
Een bekend voorbeeld is het obesitashypoventilatiesyndroom. Dit zijn medische aandoeningen die passend onderzoek en behandeling nodig hebben.
En slaapgerelateerde hypoxemie?
Hypoxemie betekent dat er te weinig zuurstof in het bloed aanwezig is.
Bij slaapgerelateerde hypoxemie daalt het zuurstofgehalte gedurende de slaap, zonder dat dit voldoende verklaard wordt door slaapgerelateerde hypoventilatie.
Dat kan bijvoorbeeld samenhangen met bepaalde long-, hart- of neurologische aandoeningen. Ook hier geldt dat alleen een klacht als vermoeidheid niet genoeg is om te weten wat er aan de hand is.
Daarvoor is medisch onderzoek nodig. Is hyperventilatie ook een slaapgerelateerde ademhalingsstoornis?
Hyperventilatie werd in het oude artikel als een van de belangrijkste slaapgerelateerde ademhalingsstoornissen genoemd.
Dat klopt niet. Bij hyperventilatie adem je meer dan op dat moment nodig is, waardoor het koolzuurgehalte in het bloed kan dalen.
Dat kan klachten geven zoals duizeligheid, tintelingen, benauwdheid of een licht gevoel in het hoofd.
Maar hyperventilatie behoort binnen de internationale classificatie van slaapstoornissen niet tot dezelfde categorie als slaapapneu en slaapgerelateerde hypoventilatie.
Natuurlijk kan iemand ’s nachts wakker worden met een snelle ademhaling, benauwdheid of paniek.
Maar daar kunnen verschillende oorzaken voor bestaan.
Dat moet dus niet automatisch als een slaapgerelateerde ademhalingsstoornis of als ‘nachtelijke hyperventilatie’ worden bestempeld.
Waardoor ontstaat obstructieve slaapapneu?
Bij OSA spelen meestal meerdere factoren een rol. De bouw van de bovenste luchtweg is belangrijk.
Tijdens de slaap neemt de spierspanning rond de luchtweg af. Bij iemand die daar gevoelig voor is, kan de luchtweg daardoor makkelijker vernauwen of dichtvallen.
Overgewicht kan het risico op OSA verhogen, maar niet iedereen met slaapapneu heeft overgewicht. Ook onder andere leeftijd, anatomische kenmerken van de luchtweg en erfelijke aanleg kunnen een rol spelen.
Alcohol en bepaalde verdovende of spierverslappende middelen kunnen bij sommige mensen de ademhalingsproblemen tijdens de slaap verergeren.
Slaapapneu ontstaat dus niet simpelweg doordat iemand ongezond leeft.
Wat merk je overdag?
Een slaapgerelateerde ademhalingsstoornis speelt zich voornamelijk tijdens de slaap af, maar de gevolgen kunnen juist overdag merkbaar worden.
Bijvoorbeeld doordat je:
- slaperig bent;
- minder energie hebt;
- moeite hebt je aandacht erbij te houden;
- sneller fouten maakt;
- moeite hebt met concentreren;
- prikkelbaarder bent.
Sommige mensen functioneren nog behoorlijk goed en merken vooral dat alles meer energie kost.
Anderen hebben zoveel last van slaperigheid dat ze tijdens vergaderingen, op de bank of zelfs achter het stuur moeite hebben wakker te blijven.
Vooral dat laatste moet serieus worden genomen. Ernstige slaperigheid kan gevaarlijk zijn in het verkeer of bij werk waarbij voortdurend alertheid nodig is.
Krijg je door slaapapneu geen diepe slaap?
Zo zouden we het niet uitleggen. Slaapapneu kan de slaap herhaaldelijk verstoren en reacties in het lichaam veroorzaken. Maar dat betekent niet automatisch dat iemand met slaapapneu geen diepe of ‘herstellende’ slaap krijgt.
Je hoeft je slaapfasen ook niet zelf te analyseren om te bepalen of er iets mis is.
Veel belangrijker zijn het ademhalingspatroon tijdens de slaap, eventuele zuurstofdalingen, klachten overdag en de uitkomsten van passend medisch onderzoek.
Waarom is slaapapneu belangrijk om serieus te nemen?
Slaapapneu kan veel invloed hebben op hoe je je overdag voelt en functioneert.
Daarnaast hangt onbehandelde OSA samen met verschillende gezondheidsproblemen, waaronder hoge bloeddruk en hart- en vaatziekten.
Dat betekent niet dat iedere snurker zich zorgen hoeft te maken. Snurken komt veel voor en is op zichzelf geen diagnose.
Maar wanneer snurken samengaat met waargenomen ademstops, happen naar lucht of duidelijke slaperigheid overdag, is er wel reden om verder te kijken.
Hoe wordt slaapapneu vastgesteld?
Je kunt slaapapneu niet betrouwbaar vaststellen met alleen een vragenlijst, smartwatch, slaapapp of snurk-app. Die kunnen soms aanleiding geven om verder te kijken, maar stellen geen medische diagnose.
Wanneer je huisarts slaapapneu vermoedt, kan verder slaaponderzoek worden aangevraagd. Afhankelijk van de situatie kan dit thuis of in een slaapcentrum plaatsvinden.
Tijdens het onderzoek worden verschillende signalen gemeten die informatie geven over de ademhaling tijdens de slaap.
Op basis daarvan kan worden beoordeeld of er sprake is van slaapapneu, welke vorm het betreft en hoe ernstig de ademhalingsstoornis is.
Hoe wordt obstructieve slaapapneu behandeld?
De behandeling hangt af van de ernst van de aandoening, de klachten, lichamelijke kenmerken en persoonlijke situatie. Er bestaat daarom niet één behandeling die voor iedereen met OSA de beste keuze is.
Mogelijke behandelingen zijn onder andere:
- CPAP;
- een mandibulair repositieapparaat (MRA);
- positietherapie;
- behandeling van overgewicht wanneer dat een relevante factor is;
- In geselecteerde situaties een operatie of andere medische behandeling.
Welke behandeling passend is, wordt samen met een arts of gespecialiseerd behandelteam bepaald.
Wat doet CPAP?
CPAP staat voor Continuous Positive Airway Pressure. Via een masker wordt tijdens de slaap lucht onder lichte positieve druk toegediend.
Die druk helpt voorkomen dat de bovenste luchtweg dichtvalt. CPAP kan zeer effectief zijn bij obstructieve slaapapneu. Maar CPAP is niet automatisch voor iedereen met slaapapneu de enige of beste behandeling.
Dat hangt af van het type slaapapneu, de ernst, de klachten en andere persoonlijke factoren.
Een MRA
Een andere mogelijke behandeling is een mandibulair repositieapparaat, meestal afgekort als MRA. Dit is een speciaal mondstuk dat de onderkaak tijdens de slaap iets naar voren houdt.
Daardoor kan er meer ruimte in de bovenste luchtweg ontstaan. Een MRA kan bij bepaalde mensen met obstructieve slaapapneu een passende behandeling zijn.
Het is iets anders dan een algemeen anti-snurkmondstuk dat je zelf online koopt.
Positietherapie
Bij sommige mensen ontstaan de meeste ademhalingsproblemen wanneer zij op hun rug slapen. Wanneer uit onderzoek blijkt dat lichaamshouding een belangrijke rol speelt, kan positietherapie worden overwogen.
Daarbij wordt geprobeerd om tijdens de slaap minder op de rug te liggen. Ook dit is geen algemene slaapregel. Als je geen positieafhankelijke slaapapneu hebt, hoef je jezelf niet ineens te trainen om nooit meer op je rug te slapen.
Leefstijl en lichaamsgewicht
Wanneer overgewicht bijdraagt aan obstructieve slaapapneu, kan gewichtsverlies onderdeel zijn van de behandeling. Dat kan de ernst van OSA verminderen.
Maar het is belangrijk om slaapapneu niet terug te brengen tot een probleem van lichaamsgewicht. Ook mensen zonder overgewicht kunnen OSA hebben.
En wanneer iemand ernstige slaapapneu heeft, is alleen zeggen dat diegene moet afvallen meestal geen volledige behandeling.
Hoe worden andere ademhalingsstoornissen behandeld?
Centrale slaapapneu en slaapgerelateerde hypoventilatie vragen om een andere benadering dan gewone obstructieve slaapapneu.
Daarbij kan bijvoorbeeld behandeling van een onderliggende medische aandoening of aanpassing van medicatie een rol spelen.
Soms is specifieke ademhalingsondersteuning tijdens de slaap nodig. Welke behandeling passend is, hangt sterk af van de oorzaak.
Daarom is het belangrijk om eerst te weten om welke ademhalingsstoornis het daadwerkelijk gaat.
Kun je slaapgerelateerde ademhalingsstoornissen zelf oplossen?
Niet met algemene slaaptips.
Een donkere slaapkamer, ontspanningsoefeningen of een regelmatig slaapritme kunnen prima onderdelen van je dagelijkse leven zijn, maar ze zorgen er niet voor dat een dichtvallende bovenste luchtweg ineens openblijft.
Niet ieder slaapprobleem heeft dezelfde oorzaak en niet ieder slaapprobleem vraagt om dezelfde behandeling.
Wanneer er aanwijzingen zijn voor een medische slaapstoornis, hoort passende medische diagnostiek bij de volgende stap.
Wanneer naar de huisarts?
Bespreek je klachten met de huisarts wanneer jij of je bedpartner bijvoorbeeld merkt dat je:
- regelmatig stopt met ademhalen tijdens de slaap;
- luid snurkt en daarbij naar lucht hapt;
- regelmatig wakker schrikt met een gevoel van verstikking;
- overdag opvallend slaperig bent;
- tijdens autorijden of andere belangrijke activiteiten moeite hebt wakker te blijven;
- andere onverklaarde ademhalingsproblemen tijdens de slaap ervaart.
Ook zonder luid snurken kan een slaapgerelateerde ademhalingsstoornis voorkomen.
Twijfel je of je klachten passen bij gewone slapeloosheid of dat er iets anders aan de hand is, dan is het verstandig dit te laten beoordelen.
Conclusie
Slaapgerelateerde ademhalingsstoornissen zijn een aparte groep slaapstoornissen waarbij de ademhaling tijdens de slaap verstoord is.
Obstructieve slaapapneu is de bekendste vorm, maar er bestaan ook centrale slaapapneu en slaapgerelateerde hypoventilatie en hypoxemie.
Hyperventilatie hoort niet als aparte aandoening in deze categorie thuis. De klachten kunnen ’s nachts plaatsvinden terwijl je de gevolgen vooral overdag merkt.
Sommige mensen functioneren nog, maar merken dat concentratie en energie steeds meer moeite kosten. Anderen worden zo slaperig dat werk, autorijden of het dagelijks functioneren er duidelijk onder lijdt.
Bij een vermoeden van een slaapgerelateerde ademhalingsstoornis is het daarom belangrijk om niet alleen te proberen ‘beter te slapen’.
Eerst moet duidelijk worden wat er tijdens de ademhaling gebeurt. Daarvoor is passend medisch onderzoek nodig.
Pas daarna kan worden bepaald welke behandeling het beste aansluit bij de specifieke ademhalingsstoornis.